Praktijkvoorbeeld

Hoe maak je gepersonaliseerd ICT leren voor leraren mogelijk?

Inzet van ICT binnen het basisonderwijs vraagt om bekwame leerkrachten. Of het nu gaat om het aanleren van digitale vaardigheden, het gebruik van adaptieve leermiddelen of een visie op de geschiktheid van ICT-middelen. De ICT-bekwaamheid verschilt echter sterk van leraar tot leraar. Hoe maak je inzichtelijk over welke ICT-vaardigheden leerkrachten al beschikken en waar hun behoefte aan verdere professionalisering ligt?

Resultaten

Nieuwe inzichten en concrete wensen over het meten van ICT-vaardigheden van leraren, een vragenset voor drie competenties en plannen voor een nieuw expertisecentrum. Deze versnellingsvraag leverde vier verrassende resultaten op over de ontwikkeling van ICT-bekwaamheid van leraren en het meten daarvan.

1.   Inzicht: het meetinstrument staat niet op zichzelf

Als leraar je ICT-vaardigheden meten via een instrument, dat roept allerlei gevoelens op. Een van de belangrijkste inzichten van deze versnellingsvraag is daarom dat het meten van ICT-vaardigheden beter niet op zichzelf kan staan. Als onderdeel van een omvangrijk beleidsproces, is er een gesprekscyclus nodig waarin leraren begeleid worden. Het is hierbij belangrijk dat zij niet het gevoel krijgen, afgerekend te worden op hun score. Het doel en de focus is niet de score zelf, maar het bespreekbaar maken van de ontwikkeling van ICT-competenties.

2.   Een vragenset voor drie competenties

Voor het meten van ICT-bekwaamheid bestaan al instrumenten en modellen – daarom is er via de versnellingsvraag onderzocht welke elementen daarvan bruikbaar zijn in deze context. Op basis van het competentiemodel van iXperium heeft de Alpha Scholengroep (de initiatiefnemer van de versnellingsvraag) uiteindelijk een vragenlijst ontwikkeld op basis van drie competenties: instrumentele vaardigheden, informatievaardigheden en mediavaardigheden. Deze vragenset kan voorbeeldgedragingen toetsen in de gesprekscyclus.

Lees meer over de vragenset

3.   De top 24 wensen voor een meetinstrument ICT-bekwaamheid

Een meetinstrument is pas echt nuttig als deze aansluit bij de behoeften van de eindgebruiker. Op basis van interviews met bestuurders, schoolleiders, ICT-coördinatoren en leraren, is er een lijst opgesteld met de belangrijkste wensen in de vorm van user stories.

Een userstory kan heel concreet inzicht geven in een wens door op drie vragen antwoord te geven:

  • Wie heeft deze wens? – de rol van de gebruiker

  • Wat wil de gebruiker? – de wens

  • Waarom wil de gebruiker dit? – het beoogde effect

De Alpha Scholengroep ontdekte bijvoorbeeld de volgende user stories over een meetinstrument ICT-bekwaamheid:

Als leraar wil ik:

  • dat het instrument competentieniveaus van vaardigheden bevat, zodat ik kan bepalen waarin ik me kan verbeteren
  • dat het instrument mij op basis van een zelftoets een totaaloverzicht geeft, zodat ik dat kan gebruiken als input voor een gesprekscyclus
  • dat ik alleen datgene zie wat voor mij relevant is, zodat ik niet onnodig veel tijd steek in het doorlopen van het instrument

Het beoogde effect van de wens – alles wat achter ‘zodat’ staat – geeft de ontwikkelaar van het meetinstrument inzicht in het waarom. Hierdoor kan de markt beter bevraagd worden. 

Lees meer over de userstories en bekijk de top 24 wensen voor een meetinstrument

4.   Het plan voor een expertisecentrum ICT en onderwijs

Met al deze inzichten en wensen zijn er al flinke stappen gezet richting een bruikbaar meetinstrument voor de ICT-bekwaamheid van leraren. Om een concreet eindproduct realiseerbaar te maken en de inzichten uit de versnellingsvraag breed te delen, zijn er plannen voor een ICT-expertisecentrum in Zeeland. Dit centrum zou een netwerkorganisatie zijn voor en door scholen en lerarenopleidingen.

In een mogelijk expertisecentrum worden nieuwe ontwikkelingen getest en kunnen studenten, leraren, bestuurders en leerlingen terecht met vragen. ICT-experts kunnen er hun kennis delen en zich verder ontplooien. Met de wensenlijst uit de versnellingsvraag zou het expertisecentrum de markt beter kunnen bevragen voor een meetinstrument ICT-bekwaamheid.  

Lees meer over de plannen voor het expertisecentrum

Achtergrond

Miniatuurvoorbeeld

ICT-bekwame leraren weten hoe zij digitale (ICT) toepassingen inzetten in het onderwijs. Rodney Kersten / Kennisnet

Vijf vragen over ICT-bekwaamheid

Digitale ontwikkelingen in het onderwijs zijn niet meer weg te denken. Leraren hebben daardoor andere en nieuwe ICT-vaardigheden nodig – daar is iedereen het over eens. Maar, over het hoe, wat en waarom rond ICT-bekwaamheid bestaat op scholen vaak onduidelijkheid. De antwoorden op deze vragen helpen jouw school op weg.

1. Wat is ICT-bekwaamheid precies?

ICT-bekwaamheid is de vaardigheid die leraren nodig hebben om ICT in te zetten om hun onderwijs aantrekkelijker, efficiënter, effectiever en beter te maken. Dit bestaat uit vier aandachtsgebieden:

  1. Digitale geletterdheid: de leraar gaat pedagogisch verantwoord te werk in de digitale wereld
  2. De leersituatie: de leraar kiest de juiste ICT-toepassingen, passend bij de context en onderwijsvisie
  3. Professionalisering: de leraar is en blijft gekwalificeerd in het gebruik van ICT-toepassingen
  4. Organisatie: de leraar maakt veilig en verantwoord gebruik van ICt voor bedrijfsvoering en communicatie

2. Waarom is beleidsmatige aandacht voor de ICT-bekwaamheid van leraren zo belangrijk?

Ten eerste heeft de leraar een maatschappelijke sleutelrol in de ontwikkeling van de digitale vaardigheden van de leerlingen. ICT en de vaardigheid daarin, wordt zo voor iedere leerling toegankelijk, onafhankelijk van de thuissituatie.

Daarnaast hebben leerlingen hogere leeropbrengsten, meer motivatie en plezier bij het leren als de leraar gebruik maakt van ICT en digitaal leermateriaal.

En om deze rol succesvol te kunnen vervullen is het nodig om ICT-bekwaam te zijn. Toch laten veel scholen de invulling daarvan nog over aan de leraar zelf – op eigen houtje of in eigen tijd. Ondanks de stijging van het gebruik van ICT-toepassingen op scholen, blijft de benutting daarvan hierdoor achter.

3. Wat zijn de grootste obstakels rond ICT-bekwaamheid?

Vooral het omzetten van ICT-beleid naar praktijk is een onderwerp waar veel scholen mee worstelen. De grootste obstakels hierbij zijn:

  • Een groot verschil tussen de ICT-ambities van bestuurders en schoolleiders enerzijds en de werkelijkheid van de leraar anderzijds
  • Een groot verschil in ICT-gebruik en ICT-bekwaamheid tussen lerarenteams
  • Doordat technologie in ontwikkeling blijft en constant ter discussie staat, is het een uitdaging om te bepalen welke vaardigheden het belangrijkste zijn

4. Waarom is het nodig om ICT-bekwaamheid te meten?

Het meten van ICT-bekwaamheid geldt vooral als uitgangspunt voor een dialoog over het onderwerp. Het competentieniveau van de leraar is de leidraad bij het vaststellen van de professionaliseringsbehoefte en welke acties daaraan gekoppeld worden. Bijvoorbeeld investeren in passende en effectieve bijscholing. Zonder het beginpunt – het competentieniveau – vast te stellen is het niet mogelijk om daadwerkelijk passende acties te ondernemen.   

5. Wanneer is een leraar ICT-bekwaam?

Digitale ontwikkelingen zijn voortdurend in beweging, daarom is ICT-bekwaamheid nooit helemaal af. Maar de vier bekwaamheidsgebieden vormen wel een minimale leidraad: digitale geletterdheid, de leersituatie, professionalisering en organisatie. Dit betekent niet dat alle leraren al deze bekwaamheden in dezelfde mate moeten bezitten - elke school en onderwijscontext heeft zijn eigen aanpak en deskundigheid nodig.   

Meer lezen?

Bekijk ook:

Het proces

Hoe kun je meer gerichte ICT-bijscholing aanbieden aan leraren? Verschillende onderwijs-samenwerkingsverbanden in Zeeland kwamen vanuit die vraag bij de wens om een meetinstrument voor ICT-competenties van leraren te ontwikkelen.

Onder meer Stichting Zien, dat zich inzet voor meer breedband-verbindingen in het onderwijs in Zeeland en de ontwikkeling van onderwijskundige toepassingen die daar gebruik van maken. Daarnaast de Coöperatie van samenwerkende schoolbesturen PO in Zeeland (CPOZ). Scholengroep Alpha deed de aanvraag voor de versnellingsvraag:

‘Op welke objectieve wijze is het mogelijk om de leraar-competenties op het snijvlak van onderwijs en ICT in kaart te brengen, de professionaliseringsbehoefte van leraren in kaart te brengen en actief, en binnen een korte tijd, te werken aan het vergroten (op niveau brengen) van de competenties van leraren op het gebied van ICT.’

De versnellingsvraag aanscherpen

Bij het goedkeuren van de versnellingsvraag is besloten om het uitvoeren van professionaliseringsactiviteiten niet mee te nemen in het project. Ook tijdens het proces werd de vraag vanuit nieuwe inzichten aangescherpt. Om tot een goed meetinstrument te komen, bleek het bijvoorbeeld nodig om eerst duidelijk voor ogen te hebben wat een meting zou moeten opleveren.

Bestaande producten en modellen

In de beginfase van de versnellingsvraag is ook onderzocht of er al producten op de markt zijn die de vraag kunnen beantwoorden. Vanuit de marktoriëntatie werd er inspiratie opgedaan voor een basismodel voor het meetinstrument. Hier werd gekozen voor drie basiscompetenties: instrumentele-, informatie- en mediavaardigheden.

Deze competenties komen overeen met de eerste drie eindkwalificaties van een bestaand competentiemodel van iXperium.

De wensen onderzoeken

Om te verhelderen waar het instrument precies aan moet voldoen, is het belangrijk om de uiteindelijke gebruiker mee te nemen in de ontwikkeling hiervan. Daarom werden bestuurders, schoolleiders, leraren en ICT-coördinatoren geïnterviewd over hun behoeften rond het instrument. Hieruit is een top 24 wensen voortgekomen. Deze kunnen helpen om nieuwe instrumenten te ontwikkelen of te toetsen en zijn gepresenteerd in de vorm van zogenaamde user stories.

Een vragenlijst

Vanuit de versnellingsvraag zijn de drie competenties verder uitgewerkt tot een praktische vragenset, gebaseerd op de gedragsindicatoren van iXperium. Het resultaat is een vragenlijst van 58 vragen verdeeld over de categorieën: instrumentele vaardigheden, informatievaardigheden en mediavaardigheden. Deze is na toetsing bij betrokken schoolbesturen verder verbeterd.

Bekijk de vragenlijst

Hoe verder?

De versnellingsvraag heeft meerdere resultaten opgeleverd die allemaal bijdragen aan het ontwikkelen van een meetinstrument ICT-bekwaamheid. Hoewel dit afwijkt van het originele doel, heeft het de deelnemende partijen toch veel opgeleverd.

Naast de user stories en vragenlijst, zijn er ook nieuwe inzichten over hoe een toekomstig meetinstrument het beste ingekaderd kan worden in een groter beleidsmatig proces. En dat een meetinstrument slechts een uitgangspunt moet zijn voor een gesprekscyclus over competenties. Leraren dienen niet afgerekend te worden op hun score.

En vanuit het contact met iXperium in Nijmegen is er bij de werkgroep Zeeuwse schoolbesturen het idee ontstaan voor een nieuw Zeeuws expertisecentrum onderwijs en ICT. Er bleek al direct veel draagvlak te zijn bij onderwijsbestuurders uit de regio en de volgende stap is het opstellen van een businessplan. Het doel van het centrum is om als netwerkorganisatie te functioneren voor en door scholen en de lerarenopleidingen. Met de inzichten uit de versnellingsvraag zal het centrum aan de slag kunnen met het realiseren van een meetinstrument ICT-bekwaamheid.

Lees meer over het ICT-expertisecentrum Zeeland