Praktijkvoorbeeld

Hoe kun je differentiëren met onderwijsprojecten?

Musea, erfgoedinstellingen, Staatsbosbeheer: allemaal organiseren zij onderwijsactiviteiten. Veel leraren benaderen deze als iets ‘extra’s’, bovenop de reguliere lesmethodes. Maar, is het ook mogelijk om bepaalde onderdelen uit de lesmethodes te vervangen door deze activiteiten? En kun je een database ontwikkelen waarin het actuele activiteitenaanbod in de omgeving gekoppeld wordt aan de leerdoelen en leerlijnen van een school?

Resultaten

ATO-scholenkring in ‘s Hertogenbosch wil de onderwijsactiviteiten van partners graag beter inbedden in het onderwijs. Maar hoe zorg je er nou voor dat de scholen aan de slag gaan met de onderwijsactiviteiten van bijvoorbeeld musea, de bibliotheek en staatsbosbeheer - zonder dat dit bovenop het huidige programma gestapeld wordt? De oplossing is een brede organisatieverandering met als sluitstuk een digitaal platform waar vraag en aanbod van leermateriaal bij elkaar komen. Via deze versnellingsvraag is er ontdekt wat daarvoor nodig is.
 

1. Programma van Eisen

Een digitaal platform waar het leeraanbod van projecten en educatieve partners uit de omgeving duidelijk in samenkomt, waar moet dat precies aan voldoen? In het Programma van Eisen (PvE), dat opgesteld is tijdens deze versnellingsvraag, komen alle wensen samen. Hierin staat bijvoorbeeld het proces beschreven van zoeken en vinden van onderwijsactiviteiten en hoe het instrument hierbij kan ondersteunen. Daarnaast is er een lijst met functionele en algemene eisen. Bijvoorbeeld waar de zoekfuncties aan moeten voldoen. In het PvE heeft ATO-scholenkring haar beeld van waar het instrument aan moet voldoen expliciet gemaakt en wat de voorwaarden zijn voor een goede relatie tussen de opdrachtgever en opdrachtnemer.   

Bekijk het Programma van Eisen  van ATO-scholenkring.

2. Selectie van aanbieder

Op basis van het Programma van Eisen heeft er een oriëntatie plaatsgevonden op publieke  aanbieders van de gewenste functionaliteit. Aan de hand van het PvE zijn gesprekken gevoerd met diverse partijen. Uiteindelijk bleek de bibliotheek in ‘s Hertogenbosch het beste in staat om de wensen uit het PvE te realiseren. Samen is besloten om een proefopstelling in te richten. 

3. Een proefopstelling met de bibliotheek in ‘s Hertogenbosch 

Om duidelijk in beeld te krijgen waar een digitaal platform voor onderwijsactiviteiten van educatieve partners precies aan moet voldoen, is er tijdens de versnellingsvraag besloten om te experimenteren in samenwerking met de bibliotheek in ‘s Hertogenbosch. Door samen een proefopstelling te maken en te onderzoeken hoe dit in de praktijk zou werken, worden er belangrijke inzichten opgedaan. 

In het domein Zorg is het aanbod in de stad gemetadateerd en gekoppeld aan de aanbodsdoelen van het Nationaal Expertisecentrum Leerplanontwikkeling (SLO). Na evaluatie van de proefopstelling zal er worden besloten of dit verbreed zal worden naar andere domeinen. Afhankelijk van de uitkomst van de evaluatie wordt ook onderzocht of andere bibliotheken in het land gebruik zullen gaan maken van het platform. 

De database die hieruit zal voortkomen maakt het mogelijk voor scholen om het aanbod educatieve partners in de stad te bekijken. Hierdoor kunnen scholen dit aanbod beter vinden en weten ze dat het aanbod gekoppeld is aan leerdoelen.   

4. Inzicht: het is belangrijk om samenwerking goed te structureren

Tijdens deze versnellingsvraag bleek steeds opnieuw dat vooral samenwerking met verschillende partners buiten de school zeer belangrijk is voor het slagen van vernieuwingen in de school. Om de samenwerking goed vorm te geven, is er op basis van de ervaringen een model met zes bouwstenen ontwikkeld dat andere scholen kan helpen hierbij. Lees meer in  ‘Samenwerken via model van 6 bouwstenen’.

5. Inzicht: veranderproces op de voorgrond, ICT op de achtergrond

Tijdens de versnellingsvraag was de focus gericht op het beschikbaar krijgen van het digitaal instrument. Tegelijkertijd is het beschikbaar krijgen van het instrument verweven met het bredere veranderingsproces in de scholen. Denk aan het werken met leerlijnen en relateren van activiteiten aan die leerlijnen - en bij de educatieve partners het dialoog over programmering. Het instrument is pas echt levensvatbaar als het past bij de manier van werken in de scholen en bij educatieve partners. Daarom is ook geïnvesteerd in het brede veranderproces bij de scholen en de educatieve partners. 

Achtergrond

Miniatuurvoorbeeld

ATO-scholenkring uit ‘s Hertogenbosch wil graag dat scholen beter gebruik kunnen maken van het aanbod van educatieve partners in de stad. Alleen past het aanbod niet altijd in het programma, of komt het niet op het juiste moment. Om vraag en aanbod beter bij elkaar te brengen, is een verandertraject gestart. Hoe heeft ATO dit aangepakt? En waar moet je op letten bij een verandertraject?

Den Bosch beschikt over een rijk aanbod van educatieve partners die onderwijsactiviteiten organiseren, zoals culturele instellingen, milieu instanties en gezondheidsorganisaties. Toch maken scholen hier maar weinig gebruik van. Dat komt omdat deze onderwijsactiviteiten zich vaak bovenop het gewone lesprogramma stapelen. Dat moet anders, vond CvB-voorzitter Hans Tijssen van ATO-scholenkring. Hij ging via een versnellingsvraag op onderzoek uit - en deelt zijn belangrijkste tips om tot een succesvol verandertraject binnen je school te komen. 

Onderzoek wat je al in huis hebt

Om te weten waar het leermateriaal van educatieve partners precies het curriculum kan aanvullen of vervangen, werd eerst onderzocht wat acht deelnemende pilotscholen zelf al in huis hadden aan leeractiviteiten. Dat is gedaan door met leerlijnen te werken en het leermateriaal te metadateren, waarbij er labels aan gehangen worden zodat duidelijk is aan welk leerdoel het bijdraagt. Hierdoor werd duidelijk waar er nog ruimte was voor meer invulling van buitenaf, of waar het gebruikte materiaal vervangen kon worden met aanbod van buitenaf. 

Maak er ruimte voor

Een van de belangrijkste succesfactoren bij een verandertraject is volgens Tijssen de tijd en ruimte die daarvoor vrijgemaakt wordt. “Faciliteer en ondersteun niet alleen in geld, maar ook in tijd en professionaliteit. Bijvoorbeeld door mensen vrij te roosteren en te zorgen dat daar capaciteit voor is.” 

Verander niet meteen alles

Een belangrijke tip uit dit verandertraject is 'om niet meteen al het oude overboord te gooien'. Bouw vernieuwing in, in de bestaande structuren die er al zijn. Houd bijvoorbeeld de bestaande methode aan en onderzoek welke onderdelen hiervan vervangen kunnen worden. En begin met pilots op een aantal scholen, voordat je een verandering overal doorvoert.  

Ondersteun niet alleen in geld, maar ook in tijd en professionaliteit.

Bouw voort op bestaande successen

Tijssen liet zich voor de versnellingsvraag inspireren door een eerder project: Bibliotheek op School. Ook hierbij werd de buitenwereld de school in gehaald, maar dan in de vorm van boeken. “Het helpt om voort te bouwen op bestaande successen. We wilden nu hetzelfde, maar dan met excursies en lesmateriaal.” Tijdens het eerdere project was er een model met zes bouwstenen voor samenwerking opgesteld, dat nu opnieuw ingezet is. Hierdoor waren veel van de betrokken deelnemers en medewerkers al bekend met delen van de opzet van het verandertraject en had het daarom meteen meer draagvlak. 

Zoek verbinding - eerst binnen de school, dan daarbuiten

Het is essentieel om binnen en buiten de school een stevig samenwerkingsverband op te zetten, waarin iedereen elkaars taal begrijpt en in verbinding met elkaar blijft. Tijssen: “Het gaat altijd over de menselijke maat, over hoe mensen elkaar ontmoeten en wat zij met elkaar delen. Voor mij zit de kunst in het verbinden van mensen en hen faciliteren verandering in gang te zetten via een gemeenschappelijk thema.”

Tijssen: “Het is heel belangrijk dat je in de lokale samenwerking op bestuurlijk niveau je partners zoekt. Leer elkaar kennen, zoek de verbinding en sluit allianties.” Tijdens een onderzoeksproject of verandertraject leer je al doende elkaars taal begrijpen. “Je merkt dan al snel dat het vooral gaat om de duurzame verbindingen tussen scholen en partners in de stad.” 

Stel duidelijke doelen

Om tijdens een verandertraject de focus en het draagvlak te behouden, is het vooral belangrijk om heel duidelijke en concrete doelen te stellen. Bij deze versnellingsvraag was het doel om een platform te zoeken waarop vraag en aanbod van projectonderwijs samenkomt. Tijssen: “We hebben een Programma van Eisen (PvE) opgesteld waarin een aantal voorwaarden staan voor een samenwerking. In onze zoektocht naar een geschikte partij, bleek de bibliotheek het beste in staat om alle domeinen in het PvE te realiseren.” In het PvE staat duidelijk geformuleerd aan welke functionele eisen het platform precies moet voldoen. 

Maak proefopstelling

Om te onderzoeken of dit platform goed aan de eisen in het PvE voldoet en effectief functioneert, is er tijdens de versnellingsvraag een proefopstelling gestart. “In de proefopstelling starten we met het domein Zorg en krijgen voor het metadateren hulp van de GGD. Met leraren en ICT-coördinatoren testen we of de proefopstelling voor dit domein goed werkt.” Door een proefopstelling te doen en deze te testen met alle betrokkenen zijn er veel inzichten opgehaald, waarmee het platform weer verbeterd kon worden.  

Het gaat altijd over de menselijke maat. Over hoe mensen elkaar ontmoeten en wat zij met elkaar delen.

Het proces

Van start met: ‘niet stapelen, maar vervangen’ 

ATO-scholenkring in Den Bosch ging in 2016 aan de slag met een versnellingsvraag onder het motto: niet stapelen, maar vervangen. Hier lees je welke stappen zij ondernamen.  

Samenwerkingspartners zoeken

Bij de versnellingsvraag zijn partners uit de omgeving van de ATO-scholenkring betrokken: organisaties die gemeentelijk gesubsidieerd worden op de leergebieden sport, gezondheid, groen, techniek, cultuur en bibliotheek. De vraag werd ondersteund door Kennisnet en de PO-Raad. Daarnaast is ook het SLO nauw betrokken bij de versnellingsvraag. 

Koppeling met leerlijnen maken

Om lesmateriaal en projecten van educatieve partners onderdeel te maken van het lesprogramma is het nodig om een koppeling te maken met leerlijnen. Daarvoor hebben de pilotscholen van ATO-scholenkring gewerkt met SLO aanbodsdoelen. SLO heeft deze doelen vanaf 2016 ontwikkeld. De leerlijn ‘Oriëntatie op jezelf en de wereld’ bevat de aanbodsdoelen die relevant zijn voor de domeinen waarop pilotscholen actief zijn zoals cultuur, groen en techniek.

Metadateren

De koppeling met de leerlijnen vond plaats door de activiteiten en het leermateriaal te labelen, ofwel te metadateren. Met de formats daarvoor van SLO konden de pilotscholen en samenwerkingspartners zelf ook hun leermateriaal en curriculum gemakkelijker metadateren. Hierbij is onderzocht welke activiteiten er precies gekoppeld zijn aan de verschillende leerdoelen. Welk materiaal is er beschikbaar en onder welk leerdoel hangt dat? 

In het voorjaar van 2018 zijn de pilotscholen bezig geweest om een leerlijn te formuleren op een domein via de SLO-aanbodsdoelen. Door de eigen lesmethode aan deze leerlijn te relateren, ontstond een onderbouwd beeld van onderwijsactiviteiten van educatieve partners waar scholen echt mee geholpen zijn. Dit beeld is in gesprek gebracht met de pilotscholen en educatieve partners en vormt mede input voor de ontwikkelagenda van de educatieve partners. 

Programma van Eisen opstellen

Er is een Programma van Eisen voor het instrument ‘niet stapelen maar vervangen’ gemaakt en er is een oriëntatie gedaan naar mogelijke leveranciers hiervoor. In het programma van eisen zijn onder meer de functionele eisen van het instrument beschreven. Het instrument heeft als doel het zoeken van het onderwijsaanbod van activiteiten van educatieve partners te vereenvoudigen. 

Om meer bekendheid aan het project te geven, is er een voorlichtingsfilmpje gemaakt voor educatieve partners van scholen in de Bossche regio en als algemene blikvanger voor de sector over de versnellingsvraag. 

Proefopstelling met de bibliotheek

In het najaar van 2018 is er een verdere oriëntatie op leveranciers en vindt er een inventarisatie plaats over de realisatie van het instrument wat betreft onderwerpen als: eigenaarschap, financiering en datakwaliteit. 

Voor een eerste proefopstelling van het instrument ‘niet stapelen maar vervangen’ is er gekozen samen te werken met de bibliotheek ‘s Hertogenbosch. In de proefopstelling wordt gewerkt met de applicatie Gids / Wegwijzer. Eind 2018 is dit getest door de gebruikers: leraren, coördinatoren en schoolleiders.