Interview 15 november 2019

Samenwerking als succesfactor. Interview met projectleider Innovatievraag.

Hoewel de innovatievraag van Jong Leren en de zeven andere besturen in oktober 2019 van start is gegaan, werd in het schooljaar daarvoor al volop gewerkt aan de basis. “Tijdens een bijeenkomst met de bovenschools ICT-coördinatoren van 30 besturen uit Noord-Holland was Remco Pijpers van Kennisnet aanwezig”, steekt Lisette Neijzen, beleidsmedewerker ICT bij Jong Leren van wal. “Remco vertelde hoe een Zweedse school digitale vaardigheden geïntegreerd heeft in het taalonderwijs. Van het bedenken van een verhaal tot het digitaal verwerken, opslaan en vervolgens online delen. Dit voorbeeld inspireerde ons. Er ontstond enthousiasme om te bekijken hoe ook wij dit kunnen realiseren.”

Innovatievragen Onderwijs en ICT 

Jong Leren doet mee aan het project Innovatievragen Onderwijs en ICT van de PO-raad. Met ondersteuning van de PO-Raad werken zij het komende jaar aan hun innovatievraag: “Hoe kun je digitale geletterdheid integreren in het taalonderwijs?”

Samenwerking

Acht besturen wilden meedoen. Samen met externe partijen waaronder SLO, bibliotheken, Cubiss en Hogescholen, werd een werkgroep gestart. “We zijn een aantal keren bij elkaar gekomen. Tijdens deze bijeenkomsten lag de focus vooral op het scherper krijgen van de vraag en behoeften. Kort gezegd: er gebeurt al veel op de scholen, maar het is te versnipperd en vaak gestapeld op de andere vakken. Hierdoor is het niet altijd betekenisvol voor het bestaande curriculum. We willen echt toe naar verrijking van het taalonderwijs door digitale geletterdheid te integreren, maar we hebben nog niet scherp genoeg waar die twee exact samenkomen en hoe we dit kunnen realiseren. Met het zoeken naar antwoorden op de innovatievraag hopen we de reeds gestarte samenwerking naar een hoger plan te tillen en krijgen we structuur, handvatten en inspiratie.”

Vraag en aanbod

Tijdens het beantwoorden van de innovatievraag streven de besturen ernaar om ‘vraag en aanbod’ beter bij elkaar te brengen. “We gaan uitgeverijen betrekken bij het proces om te bespreken wat mogelijk is, want huidige methoden hebben de gewenste integratie nog niet.  Een optie zou kunnen zijn om een aanvulling rondom digitale geletterdheid voor bestaande taalmethoden te maken, om zo stapelen te voorkomen. Besturen willen weten wat de scholen nodig hebben. Samen met wetenschappers gaan we dit onderzoeken door onder andere met leerkrachten in gesprek te gaan. Ook gaan de wetenschappers de verbinding tussen taal en digitale geletterdheid nauwgezetter onderzoeken. Werken vanuit wetenschappelijk onderzoek is bij veel besturen deel van de beleidsagenda. Kortom: onderzoek en samenwerking met allerlei partijen speelt een cruciale rol in onze innovatievraag.”

Kick-off

Eind oktober is er een startbijeenkomst geweest waar alle scholen van de deelnemende besturen uitgenodigd zijn. “Omdat het spreken van dezelfde taal een voorwaarde is, hebben we stilgestaan bij wat digitale geletterdheid betekent. We namen de aanwezigen mee in het project en goede praktijkvoorbeelden werden gedeeld, want die zijn er zeker al. Verder is er een lespakket speciaal voor dit project gemaakt door Probiblio, dat gaat over het verschil tussen analoog en digitaal lezen. Dit lespakket is ook op deze dag gepresenteerd om vervolgens als pilot te starten.”

Stapje voor stapje

Het proces kost veel tijd, geeft Lisette aan. “We zien de noodzaak en hebben veel bevlogen mensen, maar gefaciliteerd worden in tijd is wel een voorwaarde voor het slagen van het project. Verder gaan we stapje voor stapje aan de slag, willen we van elkaar leren en kennis delen. Daarbij hopen we de gestelde doelstellingen, zoals het opzetten van een Wikiwijs omgeving voor leerkrachten, te behalen. Dat is ambitieus, maar we gaan ervoor. En als alle besturen na het komende jaar zeggen ‘we hebben iets moois neergezet waarmee we verder kunnen’, dan zijn we tevreden!” 

foto jong leren
‘De werkprincipes van Jong Leren zijn: Wij geven ruimte, wij dagen uit en wij leren samen. Daar past deze innovatievraag heel goed bij.’