Artikel 29 oktober 2018

Overdacht en compact beginnen met ICT

Programmeren in de klas

Bij ’t Blokhuus hadden ze er wel oren naar: meewerken aan het onderzoek van Felienne Hermans, Assistent Professor bij TU Delft. Felienne onderzoekt hoe ‘niet-programmeurs’ programmeren om die kennis toe te kunnen passen in hoe we kinderen leren programmeren. De methodiek die de school in Hoevelaken mocht testen, is goed bevallen.

Groep 6 en 7 van ’t Blokhuus zijn enthousiast over de methode die zij mochten testen. Deze slaat aan bij zowel de leerlingen als de leraren. Schoolleider José Wuijster: “Met de methode komen de leerlingen op een overdachte, compacte manier met ICT in aanraking. En dan komt de rest vanzelf!

De methodiek is briljant in zijn eenvoud: kinderen leren werken met Scratch door kaarten met daarop de uitleg en opdracht rond één specifieke toepassing. Scratch is een programmeertaal speciaal voor kinderen vanaf acht jaar, ontwikkeld door MIT (Massachusetts Institue of Technology in Cambridge, een van de meest prestigieuze technische universiteiten ter wereld). Die kaarten rouleren binnen de klas, totdat uiteindelijk iedereen een keer met elke kaart heeft gewerkt.

Ingewikkelde leergangen zijn volgens José dus niet nodig. De methode blijkt voor ’t Blokhuus een goede aanvulling op hoe de school reeds (ICT-)onderwijs aanbiedt. “Daarom wilden we ook graag meewerken. ICT moet je niet te ‘schools’, en al helemaal niet traditioneel willen aanbieden. Want juist binnen dit soort disciplines komen de nieuwsgierigheid en zelfredzaamheid van leerlingen zo goed tot uiting.”

Modulair en zelfstandig

“Het leuke van Scratch en ook deze methode, is dat je het niet lineair hoeft aan te vliegen. Elke kaart, of ‘programmeerblok’, is als een puzzelstukje van het grote geheel. Als de kinderen alle programmeerblokken hebben behandeld, hebben ze een compleet beeld en bijbehorende vaardigheid van Scratch”, aldus José. Door de modulaire opzet zijn de programmeerblokken op zichzelf betekenisvol te gebruiken. “Je hoeft dus bij wijze van spreken niet bij 1 te beginnen en dan toe te werken naar 10... Met alleen de kennis van bijvoorbeeld blok 4 kun je ook al aan de slag!“

Het kaartensysteem biedt volgens José voldoende handvatten om de programmeerlessen planmatig in te zetten, maar ook ruimte om het vervolgens ‘op zijn beloop te laten’ en de kinderen zelfstandig te laten werken. Kaarten en kennis uitwisselen kunnen ze namelijk prima zelf.

Elke kaart, of ‘programmeerblok’, in deze methodiek is als een puzzelstukje van het grote geheel.

José Wuijster

Meerwaarde voor het curriculum

José ziet de introductie van ICT en programmeren met programma’s als Scratch, Hello Ruby en B-Bot als een absolute toevoeging op het bestaande curriculum.

Want niet alleen leren de kinderen de basisbeginselen van programmeren, ook leggen ze analytische verbanden die bij andere disciplines goed van pas komen. En die integratie van kennis en kunde past weer goed binnen de benodigde 21st century skills. Zo ervaart ’t Blokhuus bijvoorbeeld dat bij onderwijs over de werking van de hersenen, de kennis, verbanden en logica van het programmeren, helpen bij het begrijpen van de nieuwe materie.