Artikel 2 november 2018

Kleinschalig innoveren bij De Ommezwaai: “Slimmer leren heeft onze focus, ICT ondersteunt daarbij”

Kleinschalig innoveren bij de Ommezwaai - de magie van digitaal leren

In het voorjaar van 2016 startte De Ommezwaai, een Arnhemse school voor speciaal onderwijs aan leerlingen van 4 tot 14 jaar met gedrags-, ontwikkelings- en/of psychiatrische problemen, met de transformatie van het onderwijsconcept. De reden? “De onderwijsbehoeften van de leerlingen waren veranderd en het leerklimaat vertoonde geen positieve ontwikkeling. Als we niet zouden ingrijpen zouden we onze leerlingen, vanwege toenemende gedragsproblemen, niet langer bereiken.” Twee jaar later blijkt de transformatie succesvol te zijn: Wonderwijs werkt.

Een ander onderwijsconcept met een aansprekend ICT-lesaanbod

Alfred van Bergen, (onderwijskundig) teamleider op De Ommezwaai, pakte het voortouw in het veranderingsproces. Hij liet zich inspireren door de visie van onderwijspedagoog en -filosoof Gert Biesta en door The Golden Circle van Simon Sinek en ging aan de slag met een groep collega’s die zich vrijwillig meldden. “Om creatief naar ons vraagstuk te kijken, zijn we gaan werken volgens de design thinking methode. Daar is ons nieuwe onderwijsconcept, Wonderwijs, uit voortgekomen.” Daarnaast nam Alfred deel aan de leergang Slimmer leren met ICT. “Voor mij ligt de focus op ‘slimmer leren’. ICT kan daarbij een meerwaarde hebben als dit vanuit een onderwijskundig en pedagogisch doel wordt ingezet. Ons uitgangspunt is altijd dat we kinderen betrekken bij en regie geven over hun eigen leerproces.”

De uitgangspunten van Wonderwijs

Aardig

Respect voor elkaar, verantwoordelijkheid krijgen en nemen en reflecteren

Vaardig

Talentontwikkeling, balans in dagritme en een aansprekend lesaanbod met de (gepersonaliseerde) inzet van ICT

Waardig

Maatschappelijke betrokkenheid

Verwondering

De verwondering van kinderen (en leerkrachten) blijven behouden door ‘grote’ vragen te stellen, waarmee zij onderzoekend aan de slag gaan en zo vaardigheden ontwikkelen die hen voorbereiden op de toekomst
Miniatuurvoorbeeld

Een uitgebreide toelichting is te lezen in de blogs van Alfred, te bekijken in deze Prezi of te zien in dit filmpje van De Ommezwaai.  

Wonderwijs

In het schooljaar 2016-2017 startte De Ommezwaai met het werken volgens de Wonderwijs-aanpak. “Wij willen dat onze leerlingen zich ontwikkelen tot aardige, vaardige en waardige mensen, omdat ze deze vaardigheden en waarden later nodig hebben voor het kunnen functioneren in de maatschappij. We doen dit bijvoorbeeld door bij de start van de dag ruim stil te staan bij hoe de leerling zich voelt. Door dit gevoel te bespreken, wordt eventueel ongewenst gedrag voorkomen en ontstaat begrip bij medeleerlingen.

Daarnaast heeft iedere klas twee keer per week een lange lunch, waarbij de tafel gedekt wordt en er ruimte is voor een gesprek met elkaar. Ook bewegen speelt een centrale rol, omdat dagelijks 20 minuten flink bewegen zorgt voor een groei van de executieve functies van de hersenen en daarmee bijdraagt aan beter kunnen leren. Verwondering blijven houden en de school in brengen, is het vierde onderdeel van het Wonderwijs concept.”

Bewuste keuzes voor ICT

ICT wordt op allerlei manieren ingezet binnen het onderwijsconcept van De Ommezwaai. “Een aantal jaren geleden zijn we bij de kleuters al gestart met het werken met iPads en interactief, educatief leermateriaal van Osmo. Dat vergroot de aandacht van de leerlingen en stimuleert het zelfstandig leren, maar wel spelenderwijs. Het lijkt wel magie! Om het ‘eigenaarschap’ van de leerling te vergroten, zonder daarbij de regie van de leerkracht los te laten, zijn we daarnaast Muiswerk gaan gebruiken. Eerst bij de hogere groepen, later ook de jongere kinderen. Dat doen we voorlopig nog niet als vervanging van de methoden, maar als aanvulling op.”

We willen ons onderwijs verbeteren door slimmer om te gaan met ICT. Daarom hebben we leerkrachten mede laten bepalen welke middelen we hiervoor inzetten. De jongere groepen werken met iPads en een digibord, de middenbouw met iPads en een paar Chromebooks, en de hogere groepen met Chromebooks. Incidenteel gebruiken zij de iPad voor creatieve zaken, zoals het maken van filmpjes.

Over een jaar, als we in een nieuw gebouw zitten, krijgt elke klas een Prowise bord. Dat is echt een digitaal middel waar de verwondering vanaf kan spatten. De leerkracht kan hiermee vrij eenvoudig zijn eigen lessen maken of die van collega’s uit het land gebruiken. En misschien kunnen leerlingen er straks zelf een les mee geven aan medeleerlingen. Dan hebben we weer een mooie stap gezet slimmer leren met ICT.”

De ervaring van...

Alfred van Bergen, (onderwijskundig) teamleider op De Ommezwaai.  

Inzichten en verbinding

Alfred van Bergen kijkt tevreden terug op de afgelopen periode. “De leergang Slimmer leren met ICT gaf mij mooie inzichten over gedragsverandering en hoe moeilijk dit is. Veranderen is een proces en heeft tijd nodig, maar is vooral ook een kwestie van doen. En van het raken van harten, zoals Marco de Witte en Simon Sinek ook zeggen. Tijdens de leergang konden we werkvormen ontdekken, kennis delen met elkaar en ontstond verbinding.”

Dat verbinden doet Alfred ook binnen het team van De Ommezwaai, want: “Alleen kun je dit niet doen. We hebben het eerste jaar van Wonderwijs voortdurend best practises met elkaar gedeeld en elke middag kort gesproken over de ervaringen van die dag. Mijn grootste uitdaging en taak zit in ‘verwondering’ blijven brengen in de school. Hoe ik dat doe? Door ruimte te geven aan eigen initiatieven, goede voorbeelden te delen en veranderingen te verbinden.”

Veranderen is een proces en heeft tijd nodig, maar is vooral ook een kwestie van doen.

Alfred van Bergen
Miniatuur
Alfred van Bergen, (onderwijskundig) teamleider op De Ommezwaai

De ervaring van...

Karlijn Betz, bovenschools iCoördinator bij De Onderwijsspecialisten (de stichting waar De Ommezwaai bij hoort)

Kortcyclisch werken

Karlijn Betz is als intern adviseur onderwijs & ICT betrokken bij de ontwikkelingen van De Ommezwaai. “In de beginfase zijn er allerlei devices aangeschaft waarmee geëxperimenteerd kon worden. Ze werden allemaal gebruikt, maar niet structureel. Waar ik vervolgens mee aan de slag ben gegaan, is het vertalen van de ervaringen naar enerzijds het curriculum en anderzijds de visie van Wonderwijs. Wat betekent dat bijvoorbeeld voor de middelen die worden ingezet en de basisinrichting van de klassen? Met het team hebben we gekeken naar een plan van eisen, dat  heeft geleid tot inzet van diverse ICT-middelen ter ondersteuning van Wonderwijs-concept.

Inrichting is één ding, maar het meekrijgen van het team is een andere belangrijke factor. We hebben bij De Ommezwaai pilots gedraaid met kartrekkers en workshops gegeven waarbij alle leerkrachten met diverse werkvormen en hele gerichte vragen aan de slag zijn gegaan. Daardoor ging het leven.”

Het grootste persoonlijke leerpunt van Karlijn? “Kortcyclisch werken! Ontwikkelen is een evolutionair proces; je kunt alleen maar acteren op de kennis die je op een bepaald moment  hebt. We kijken bij De Onderwijsspecialisten naar het hele proces en bepalen vervolgens de eerste stap die we nemen. Daarbij gaat het om wat nu actief aangepakt, uitgezocht of gerealiseerd kan worden, en niet om wat we zouden moeten hebben. Kortom: realistisch prioriteren en organiseren, vanuit de mensen  die meewerken. Een voorbeeld: bij het inzetten van een iPad kun je nadenken over wat je allemaal gaat leren en doen, na een cursus van een maand. Of je kijkt naar wat er nu al mogelijk is en hoe je dat direct in kunt zetten om een bijdrage te leveren aan het doel. De resultaten en bevindingen worden met elkaar besproken en opgehangen aan het grotere doel, de visie. En daar volgt een volgende vraag uit. Je creëert op deze manier voor iedereen de mogelijkheid om mee te doen en iets toe te voegen.

Een concrete vraag die we opgepakt hebben, is bijvoorbeeld: ‘We willen drie lessen ontdekkend leren met Chromebooks in gaan zetten, hoe zou jij dat doen?' Het zo praktisch en behapbaar maken, brengt iets op  gang. De aanpak en inzet mag ook verschillen! Dit zorgt ervoor dat je elkaar kunt blijven inspireren. Vervolgens bepaal je wat je wilt behouden én wat je loslaat omdat het niet het gewenste effect had. Een andere beweging die ontstaan is, is dat medewerkers die eerst vrij sceptisch waren over bijvoorbeeld de inzet van Chromebooks nu de eersten zijn die in een vergadering of workshop hun Chromebook pakken om mee te werken. Het is inspirerend om te zien dat iedereen zijn eigen weg kan vinden in de inzet en het gebruik van ICT.”

Vier tips van Karlijn!

Kies als bovenschools ICT-coördinator een begeleidingsstijl die bij jezelf past. Moeilijke methodes zijn niet nodig; brainstormen met post-its gaat bijvoorbeeld prima. Durf te experimenteren. Hou vast wat werkt en laat los wat niet werkt.

Organiseer de proceskant op een behapbare manier, neem kleine stapjes. Focus je als bovenschools ICT-coördinator meer op organisatieprocessen en procesinnovatie, in plaats van op de inhoud.

Ga samenwerken met collega’s, je kunt niet alles zelf weten en doen en je hoeft het wiel niet zelf uit te vinden. Werk in elkaars verlengde en bundel je krachten.

Neem in de beginfase tijd om het hele team te betrekken en om doordacht keuzes te maken. Dat helpt later in het proces.
Miniatuur
Karlijn Betz, bovenschools iCoördinator bij De Onderwijsspecialisten (de stichting waar De Ommezwaai bij hoort)

De ervaring van...

Leering Quinten, groep 8

Leuker en meer leren

Leerling Quinten zit in groep 8 en is erg enthousiast over Wonderwijs: “Ik vind het leuk dat we een gezonde school zijn en dat ik mijn energie eruit kan rennen, want daarna kan ik me beter concentreren. De lange lunch en het emotierondje in de ochtend zijn ook heel fijn, want daardoor weten je klasgenootjes hoe het met je gaat en of je even rust wilt. Ik leer nu meer dan toen we nog alleen boeken gebruikten. De Chromebooks met touchscreens zijn makkelijk en het is prettiger om daar toetsen op te maken, in plaats van op papier. Je ziet zelf meteen hoe goed je het gedaan hebt.” Of hij verder nog iets kwijt wil? “Ja. Dit is gewoon een leuke school, dit past bij mij.”

Vraag en antwoord

Vraag van Alfred van Bergen

"Een overstap naar gepersonaliseerd leren is een grote stap. Het vraagt veel van de organisatie: leerkrachten, leerlingen, ouders, ICT, etc. Is het wel zinvol om je daar momenteel op te richten en tot de 'early adopters' te horen, of kun je beter afwachten en kijken welke richting dit opgaat?" 

Frans SchouwenburgAntwoord van Frans Schouwenburg

"Deze vraag is niet eenvoudig te beantwoorden, of misschien juist wel... Een zeer interessant onderzoek van Marjolein Ploegman voor het Ministerie van OCW bespreekt de belemmeringen en kansen bij innovatie. In dit onderzoek heeft zij een model gecreëerd met zes factoren die op orde moeten zijn. Ze toont aan dat juist op het gebied van het maken van een goede analyse, alle scholen tekort schieten. De zoektocht naar bijvoorbeeld gepersonaliseerd leren begint zelden met een analyse van het op te lossen probleem, de relatie met de onderwijsopdracht en het gewenste en zichtbare resultaat na de innovatie. Met het doen van een goede analyse en het scherpstellen van het doel en vervolgens het volgen van de andere aspecten uit het model (analyse, schoolomgeving, hitteschild, beleidscyclus, draagkracht en draagvlak) wordt een realistisch beeld geschetst van de verandering. Als daarbij de juiste ICT-middelen gezocht moeten worden, zal blijken dat er voor de meest voorkomende onderwijswensen al goede hulpmiddelen op de markt zijn. 

Wachten tot iets zich uitkristalliseert is ook een optie, maar zorgt dat ervoor dat jullie probleem wordt opgelost? Er zijn samenwerkende scholen die een gewenste innovatie in stukjes hebben opgebroken om zo, gezamenlijk, punt voor punt in de organisatie te werken aan verbeteringen. Op die manier doe je niets alleen, niets te snel en ondoordacht. En door de gezamenlijkheid kun je ook nog eens een duidelijke vraag aan een ICT-leverancier stellen, waardoor het gewenste product misschien eerder beschikbaar komt of beter op maat is."

Vraag van Alfred van Bergen

"Ik word vaak bedroefd als ik de heftige discussies lees op Twitter of in blogs over onderwijsvernieuwing (over bijvoorbeeld curriculum.nu; over kennis versus 21e-eeuwse vaardigheden). Verschil van mening is goed, maar er wordt naar mijn mening regelmatig modder gegooid en dat is jammer, want daardoor bundelen we onze krachten niet. 

Mijn vraag: hoe krijgen we de discussie weer zuiver en met name productief en dan niet voor de intimi, maar met name ook voor de leraar in de klas die niet twittert en blogt? Want ik denk dat de meeste betrokkenen het er wel over eens zijn dat het onderwijs aan verandering toe is. Wat doen wij, de mensen die meer in de 'frontlinie' opereren, fout en hoe kan het anders?"

Jan Riezebos Antwoord van Jan Riezebos

"Je constatering dat de discussie over onderwijsvernieuwing via sociale media op een verkeerde toon wordt gevoerd, is mijns inziens terecht. Als verantwoordelijken voor het geven en ontwikkelen van goed onderwijs zouden we toch moeten begrijpen dat respect en veiligheid aan de basis staan van leren. Misschien moeten we terug naar de basis. In mijn oratie (blz. 2) heb ik aangegeven wat volgens mij de essentie is van onderwijsvernieuwing. En die ligt niet in kritisch afstand nemen van wat er momenteel gebeurt, maar in echt luisteren naar degenen die betrokken zijn in de dagelijkse onderwijspraktijk: de docenten en de leerlingen, en in jullie school ook de specialistische ondersteuning. 

Echte innovatie vloeit voort uit met waardering kijken naar wat er gebeurt en van daaruit proberen met elkaar te verbeteren. Soms zijn daar grootschalige veranderingen voor nodig, maar vaak betreffen het vele kleine verbeteringen waardoor het leerproces en de leeromgeving beiden worden doorontwikkeld. Daarmee haal je misschien niet de meeste aandacht, iets waar degenen die via Twitter en blogs langs de zijlijn hun mening geven, naar op zoek zijn. Maar ik zou jullie willen aanraden om te investeren in de vaardigheid om samen te zoeken naar verbetermogelijkheden vanuit een visie op wat goed is en wat beter kan en mag.

Vanuit de Japanse managementfilosofie waar mijn onderzoekslijn sterk door is geïnspireerd, wordt zelfs expliciet gesteld dat verbeteringen niet vanaf de tekentafel of zijlijn mogen worden aangedragen, maar dat het de rol is van het management om de werkvloer ('Gemba') in de juiste richting te helpen zoeken naar verbeteringen. Dienend leiderschap staat in contact met de Gemba en is dus veel te vinden op de werkvloer om te luisteren, te leren en te ondersteunen. De lessen van Toyota over leiderschap geven daar een mooi beeld van. Ik hoop dat deze houding ooit ook in het Nederlandse onderwijsveld en -management opgang vindt. Dan luisteren we minder naar mensen met een mening over hoe het (niet) moet, en respecteren we mensen die (anderen helpen met) onderwijs daadwerkelijk verbeteren, hoe klein de stapjes ook lijken. 

Veel succes met jullie zoektocht naar verbeteringen!"