Artikel

De basis van Design Thinking: wat is het en wat kun je ermee?

Misschien heb je er wel eens van gehoord: Design Thinking. Maar wat is het en wat kun je er als leerkracht of school mee? En hoe gebruik je Design Thinking op het gebied van implementeren van ICT? In dit artikel lees je alles wat je moet weten om zelf aan de slag te gaan.

Wat is Design Thinking?
Design Thinking is een populaire en innovatieve werkwijze van ontwerpers waarmee zij nieuwe producten ontwikkelen. Maar ook het onderwijs kan ermee aan de slag! Scholen kunnen met Design Thinking anders omgaan met complexe vraagstukken en op een creatieve manier eigentijds onderwijs ontwerpen.
Design Thinking stelt de mens centraal. Het begint met het inleven in (het probleem / de wens van) de klant/gebruiker en met begrip hebben voor de behoeften en motivaties van alle mensen die betrokken zijn, zoals ouders, leerlingen, leraren enzovoort.

Wat zijn de kenmerken van Design Thinking?
Bij design thinking:

  • staat inleven in de gebruiker(s) centraal,

  • werk je aan complexe vraagstukken,

  • maak je snel een prototype (dat kan fysiek zijn, maar ook een uitwerking van een vraagstuk),

  • toets je steeds bij de gebruiker(s),

  • ben je continu aan het leren en aanpassen (fouten maken is deel van het proces),

  • hebben visualiseren (gebruik van beelden) en storytelling (delen van ervaringen van mensen) een belangrijke rol.

Wat zijn de succesfactoren voor Design Thinking?
Om Design Thinking tot een succes te maken, is het nodig dat:

  1. iedereen aan de slag wil en rollen helder verdeeld zijn. Van bestuur en directie, van de procesbegeleider en van lerarenteams. Lees meer over de verschillende rollen.

  2. Er voldoende tijd beschikbaar is. Design Thinking vraagt aan de voorkant een flinke tijdsinvestering, maar daar heb je verder in het proces profijt van.

  3. Er een goede procesbegeleider is die de werkwijze reguleert, tijd bewaakt en kritische vragen stelt.

  4. alle stappen/fasen van de methode doorlopen worden, sommigen zelfs meerdere keren. Eerst ga je knelpunten analyseren, daarna samen in oplossingen denken.

  5. de gebruiker altijd centraal gesteld wordt. In alle fasen betrek je de eindgebruiker en zorg je ervoor dat je hem of haar volledig begrijpt.

Toolkit Design Thinking voor het onderwijs
Met de toolkit ‘Onderwijs ontwerpen met Design Thinking’ maak je onderwijs waarmee leerlingen 21e eeuwse vaardigheden inzetten. Tegelijkertijd werk je hierdoor als leraar zelf ook aan deze vaardigheden. Zo boek je dubbel winst.

Waar kun je Design Thinking voor inzetten?
Design Thinking kan worden ingezet om elk vraagstuk op te lossen. Van groot tot klein, complex tot eenvoudig. Toch is het handig om eerst scherp te krijgen welk vraagstuk je wilt gaan oplossen. Gaat het om het curriculum, processen of het onderwijs als systeem? Ben je beginner? Maak het dan niet te moeilijk. Lees meer

Welke mindset is nodig voor Design Thinking?
Design Thinking kan een school veel opleveren. Het herontwerpen van onderwijs is geen rechtlijnig proces, maar juist warrig en het kan alle kanten op gaan. Dat vraagt om een open en creatieve mindset. Hoe zorg je ervoor dat deelnemers zich die mindset eigen maken? Lees meer

Wat zijn de stappen van Design Thinking?
Onderwijs ontwerpen doe je nooit alleen, maar juist samen. Met collega’s, maar ook met de kinderen. Ook is het belangrijk dat er een begeleider is die het proces in goede banen leidt. Hij of zij begeleidt lerarenteams stap voor stap door de design thinking fasen, zoals deze:

  1. Start
    In de startfase van het proces wordt omschreven welke situatie je wilt gaan aanpakken of veranderen.

  2. Ontdekken (empathize)
    Analyseer de situatie en het onderwerp dat aangepakt moet gaan worden. Genereer zoveel mogelijk informatie!

  3. Duiden (define)
    Nadat je het onderwerp hebt geanalyseerd, ga je dit onderwerp heel concreet herformuleren en duiden.

  4. Idee-ontwikkelen (ideate)
    In deze fase gaat het om het genereren van de meest uiteenlopende en soms gekke oplossingen.

  5. Maken (prototype)
    Maak één of meerdere prototypen of lessen om uit te proberen in de klas.

  6. Feedback verzamelen (test)
    Voer je oplossing of les uit in de klas en verzamel feedback bij de doelgroep.

  7. Verankering
    In deze fase reflecteer je op het hele proces en de veranderde situatie.

Lees ook het artikel ‘Design Thinking in 5 stappen’

Praktijkvoorbeeld 1: aan de slag met 21e eeuwse vaardigheden
Om kinderen klaar te stomen voor de toekomst, zetten scholen in op de ontwikkeling van 21e eeuwse vaardigheden bij leerlingen. Wat vraagt dit aan kennis, vaardigheden en houding van leraren om deze ontwikkeling goed te kunnen begeleiden? Stichting WereldKidz, bestaande uit dertig basisscholen en een school voor speciaal onderwijs, diende een versnellingsvraag in om antwoorden te krijgen op dit vraagstuk. Dit leidde tot de ontwikkeling van de toolkit Design Thinking. Bekijk het praktijkvoorbeeld met het proces en de resultaten

Praktijkvoorbeeld 2: Meer ICT, minder werkdruk
Basisschool De Borgstee kleurt in de vitaliteitsscore van 2016 verontrustend rood in de categorie ‘werkdruk/belasting’. Met het project ‘Meer ICT, minder werkdruk’ grijpt de school zijn kans om de werkdruk aan te pakken. De Borgstee ging aan de slag met een methodiek die principes gebruikt uit Design Thinking en Lean. Bekijk het praktijkvoorbeeld en het stappenplan

Wanneer is Design Thinking geen goede methode?
Aan de slag gaan met Design Thinking heeft geen zin als je:

  • al een oplossing of aanpak voor je vraagstuk hebt.

  • niet bereid bent om gebruikers te betrekken.

  • niets gaat doen met input van de mensen die je betrekt.

  • niet wilt communiceren, bij elke stap.